UTRECHT - De KNVB mocht het besluit nemen om dit voetbalseizoen geen betaald voetbalclubs te laten promoveren en degraderen. Dat heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Midden-Nederland beslist. SC Cambuur Leeuwarden en De Graafschap zijn het niet eens met het besluit van de voetbalbond en probeerden het via een kort geding ongedaan te maken. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat de KNVB bevoegd was om deze beslissing te nemen en dat de bond het niet hoeft terug te draaien.


Stopzetten competitie door coronavirus
Door de uitbraak van het coronavirus was de KNVB eind april genoodzaakt om ook de betaald voetbalcompetities stop te zetten. Daaropvolgend werd besloten dat in het huidige seizoen, 2019-2020, geen promotie naar de eredivisie en geen degradatie naar de eerste divisie plaatsvindt. Dit betekent dat SC Cambuur Leeuwarden en De Graafschap, de huidige nummers 1 en 2 van de eerste divisie, niet promoveren naar de eredivisie. De clubs vinden dat zij op grond van de ranglijst bij het stopzetten van de competitie en op basis van de promotie- en degradatieregeling van de KNVB wél horen te promoveren. De voorzieningenrechter gaat hier niet in mee.

Reglement
In de promotie- degradatie regeling staat dat promotie alleen van toepassing is aan het eind van een reguliere competitie. Aangezien de competitie negen wedstrijden voor het einde is beëindigd, is hier geen sprake van. De voorzieningenrechter volgt de clubs niet in hun stelling dat een ingekorte competitie ook een reguliere competitie is. In het reglement staat niets over wat er moet gebeuren als de competitie wordt ingekort en voorziet dus niet in de situatie zoals die nu aan de orde is. In het reglement zelf staat dat de KNVB dan een besluit mag nemen.

Peiling
Voordat de KNVB het besluit nam, hield de bond een peiling onder de clubs. Hierbij werd aangegeven dat de KNVB uiteindelijk zou beslissen en dat de uitkomst van de peiling richtinggevend zou zijn voor de besluitvorming. Hiermee is de verwachting gewekt dat de mening van de clubs mee zou tellen. Nu de KNVB de uitkomst van de peiling niet heeft gevolgd (16 clubs waren vóór promotie/degradatie; 9 tegen en 11 hadden geen voorkeur) vinden SC Cambuur Leeuwarden en De Graafschap dat een ander besluit genomen had moeten worden, namelijk zoals de 16 clubs hadden aangegeven. De rechter volgt dit standpunt niet. Aangezien het een peiling was en geen stemming, mocht de KNVB terugvallen op haar bevoegdheid zelfstandig een besluit te nemen. Daarbij speelt mee dat 11 partijen geen voorkeur hadden. De voorzieningenrechter merkt hierbij wel op dat de besluitvorming beter had gekund. Het is echter niet zo onzorgvuldig verlopen dat het besluit teruggedraaid moet worden.