Vanaf de start van de relatie in mei/juni 2023 zou verdachte haar doorlopend onder druk hebben gezet om geld over te maken. Hij zou hebben gezegd dat hij geld nodig had om vrij te komen, dat hij anders gemarteld zou worden, dat zij of haar familie iets zou worden aangedaan of dat hij zichzelf iets aan zou doen. Daarbij komt het op vier momenten tot fysiek geweld. Zij wordt geslagen, geschopt en verdachte probeert haar te wurgen. Wanneer aangeefster toezegt te zullen betalen, zou het geweld stoppen.
Wat het OM betreft is er voldoende bewijs dat de aangifte van mishandeling ondersteunt. Zo heeft aangeefster na elke mishandeling foto’s van het letsel gemaakt. De blauwe plekken, schaaf- en krasletsel en verbrandingsletsels door het uitdrukken van een sigaret op haar hand zijn volgens de arts door geweld toegebracht. De arts heeft daarnaast ook eigen onderzoek verricht en constateert een kneuzing in de nek, een hersenschudding en herstellende letsels, onder andere brandletsel.
De locatiegegevens en chatberichten van verdachte maken volgens het OM het bewijs voor de mishandelingen compleet. Als hem via de chat wordt gezegd dat hij haar beter niet had kunnen aanraken reageert verdachte met de woorden: “ik kan mezelf niet inhouden met haar (…) Ze was tidur bro, vier keer bijna mattie (= out/bewusteloos).
Ook voor de beschuldiging dat verdachte aangeefster zou hebben gedwongen om geld over te maken of te pinnen, bestaat voldoende steunbewijs. Er zijn screenshots van verschillende pintransacties die corresponderen met de momenten waarop zij door verdachte is mishandeld.
Verdachte stelt dat hij en aangeefster een relatie hadden en dat zij hem binnen deze context wilde helpen. “Dat hij in chatberichten over een ‘kraan’ praat, lijkt allerminst een leuke relatie te zijn, maar eerder bewijs dat hij aangeefster misbruikt voor geld en hij bereid is daarvoor geweld in te zetten”, aldus de officier.
De mishandelingen en de dwang om geld voor verdachte te pinnen ziet de officier in de context van intieme terreur. “Uit onderzoek blijkt dat plegers van intieme terreur in controle zijn, vaak ogenschijnlijk charmant en ontspannen, maar zich ook hulpeloos, vleiend en bespelend voor kunnen doen. Ze passen druk toe bij een weerwoord, kunnen dan in stemming omslaan en oefenen subtiel en/of expliciet controle uit over de ander.” Het geheel aan mishandelingen, dreigingen en daarbij ook nog de intieme terreur, maakt dat wat het OM sprake is van geweld en een zodanige bedreigende sfeer, dat aangeefster niet anders kon dan het geld over te maken of op te nemen.
De officier vindt poging zware mishandeling en afpersing wettig en overtuigend te bewijzen. Verdachte heeft bewust voor aangeefster een onveilige situatie gecreëerd en daar voor zijn eigen financieel gewin misbruik van gemaakt. De consequenties voor aangeefster zijn groot. Zij loopt hersenschade, gebitsschade en een post traumatische stress stoornis op. Daarnaast is sprake van grote materiële schade: zij heeft haar woning op moeten geven, is haar spaargeld kwijt en daarmee zijn haar toekomstplannen onder grote druk komen te staan.
Rekening houdend met de persoon van verdachte komt de officier tot een eis van 24 maanden waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. Daarnaast een contact- en locatieverbod voor een periode van vijf jaar. De officier vindt de vordering benadeelde partij, waaronder het van aangeefster afhandig gemaakte geld, goed onderbouwd en verzoekt de rechtbank deze toe te wijzen.
De rechtbank doet over twee weken uitspraak.

22.7 ℃




































